Derde graad

Biotechnische wetenschappen

Welke kennis verwerf en verwerk je?

Je verdiept je kennis in de biowetenschappen. Via wetenschappelijke onderzoeksmethodes verwerf je inzicht in de voeding van planten, de productie en bestrijding van ziekten, de relaties tussen organismen en het milieu en biotechnologische processen voor de productie van kwaliteitsvol voedsel.

Welke vaardigheden train je?

Je leert biotechnologische problemen beschrijven en oplossingen selecteren en toepassen op basis van je kennis van wetenschappelijke methoden en fysische wetten. Je oefent in het motiveren, verwoorden en communiceren van deze probleemstellingen en geselecteerde oplossingen. Hiervoor hanteer je een correcte en specifieke vaktaal. Deze vaardigheid oefen je door vakliteratuur en specifieke wetgevingen te analyseren en te interpreteren. Je krijgt extra kansen om je onderzoeksvaardigheden te verdiepen via observaties tijdens bedrijfsbezoeken, via werkervaringen tijdens stages en via het werken aan je geïntegreerde proef.

Welke attitudes ontwikkel je verder?

Je bent een leergierige doorzetter met een sterke interesse voor wetenschappen en techniek. Je neemt graag initiatief, je analyseert en synthetiseert vlot met een kritische houding. In je zoektocht naar creatieve en vernieuwende oplossingen heb je aandacht voor kwaliteitsvolle (onderzoeks)resultaten en voor een economisch, ecologisch, hygiënisch en veilig omgaan met mensen en middelen.

1ste jaar 2de jaar
Godsdienst 2 2
Aardrijkskunde 1 1
Frans 3 3
Geschiedenis 1 1
Lichamelijke Opvoeding 2 2
Nederlands 4 4
Wiskunde 6 6
Engels 2 2
Biotechniek 3 3
Labo 3 3
Toegepaste Chemie 2 2
Toegepaste Biologie 2 2
Toegepaste Fysica 2 2
Totaal 33 33

Natuur- en groentechnische wetenschappen

Welke kennis verwerf en verwerk je ?

Je verwerft kennis over (wilde) fauna en flora, ecologie en landschap. Je leert een aantal biotopen van elkaar onderscheiden op basis van de biotische en abiotische factoren in relatie tot het landschap.

Welke vaardigheden train je ?

Je leert beheersmaatregelen uitvoeren om de natuurwaarde of biodiversiteit te verhogen en begrijpt de noodzaak daarvan. Je verwerft competenties met betrekking tot het uitvoeren van werkzaamheden in functie van de inrichting, het beheer en onderhoud van een groter domein of parkgebied.

Welke attitudes ontwikkel je verder ?

Je hebt interesse voor planten en dieren en milieu. Je experimenteert graag in je natuurlijke omgeving. Je kan zelfstandig, nauwkeurig, ordelijk en hygiënisch werken. Tijdens de uitvoering van je vaardigheden en experimenten volg je de nodige veiligheids-, gezondheids- en milieumaatregelen op. Je kan je eigen handelen kritisch evalueren. Je leert markteconomisch denken en respectvol omgaan met planten, dieren en het milieu.

1e jaar 2de jaar
Godsdienst 2 2
Aardrijkskunde 1 1
Geschiedenis 1 1
Frans 2 2
Lichamelijke opvoeding 2 2
Nederlands 2 2
Wiskunde 3 3
Engels 2 2
Praktijk / stage natuur 4 4
Natuur- en groentechnische wetenschappen 6 6
Algemene techniek 2 2
Toegepaste biologie 2 2
Toegepaste chemie 2 2
Toegepaste fysica 1 1
Toegepaste economie 1 1
Toegepaste informatica 1 1
Totaal 34 34

Dier- en landbouwtechnische wetenschappen

Welke kennis verwerf en verwerk je?

Je bestudeert economische, ecologische en bedrijfstechnische aspecten van het groeimilieu van planten en het leefmilieu van dieren. Tevens bestudeer je de werking van gemotoriseerde werktuigen. Je inzicht in technische en economische wetten wordt verruimd. Je leert ook de reglementering over het beheer van een bedrijf om het attest bedrijfsbeheer te behalen.

Welke vaardigheden train je?

Je oefent je in het begrijpen van teelt- en productinformatie, in het analyseren en interpreteren van vakliteratuur en in het registreren en opvolgen van teeltgegevens. Je ontwikkelt je logisch denkvermogen om teeltplanningen op te stellen en om kostprijzen te berekenen. Je krijgt extra kansen om je inzicht te verdiepen in het economisch en ecologisch beheren van een bedrijf via observaties tijdens bedrijfsbezoeken, via werkervaringen tijdens stages en via het werken aan je geïntegreerde opdracht.

Welke attitudes ontwikkel je verder?

Je hebt interesse voor nieuwe teelttechnieken, reproductietechnieken van dieren, middelen voor ziektepreventie en vernieuwde technologieën in landbouwkundig materieel. Je hebt aandacht voor het algemeen onderhoud van de infrastructuur vanuit een bezorgdheid voor het milieu, hygiëne, de gezondheid en het economisch omgaan met de natuur.

1ste jaar 2de jaar
Godsdienst 2 2
Aardrijkskunde 1 1
Geschiedenis 1 1
Frans 2 2
Lichamelijke opvoeding 2 2
Nederlands 2 2
Wiskunde 2 2
Engels 2 2
Praktijk/stage landbouw 4 4
Dier- en landbouwtechnische wetenschappen 6 6
Algemene techniek 1 1
Toegepaste biologie 2 2
Toegepaste chemie 2 2
Toegepaste fysica 1 1
Toegepaste economie 3 3
Toegepaste informatica 1 1
Totaal 34 34

Landbouw

Welke kennis verwerf en verwerk je in dit leertraject?

Je verdiept je kennis in verband met het verzorgen en voeden van dieren, het verzorgen en verwerken van akkerbouwgewassen en het bedienen en onderhouden van machines. Je leert ook de reglementering over het beheer van een bedrijf om het attest bedrijfsbeheer te behalen.

Welke vaardigheden train je?

Je oefent je communicatievaardigheden om uit te voeren opdrachten correct te begrijpen, om keuringsrapporten te interpreteren en om vaststellingen in verband met dieren te rapporteren. Tevens leer je creatief en logisch denken om de huisvesting van dieren goed te organiseren en om rantsoenen samen te stellen. Je krijgt extra oefenkansen om je technische en praktische vaardigheden te verfijnen via observaties tijdens bedrijfsbezoeken, via werkervaringen tijdens stages en via het werken aan je geïntegreerde proef.

Welke attitudes ontwikkel je verder?

Je hebt interesse voor alles wat te maken heeft met het telen van gewassen en kweken van dieren. Je voert opdrachten georganiseerd en ordelijk uit met veel zorg voor bedrijfshygiëne, ziektepreventie, veiligheid en het milieu.

Binnen de derde graad landbouw bieden we drie opties aan: productiedieren en landbouwmechanisatie, tuin- en groenbeheer, hobby- en gezelschapsdieren.

OPTIE PRODUCTIEDIEREN EN LANDBOUWMECHANISATIE

In de optie-uren ‘Productiedieren en Landbouwmechanisatie’ wordt  extra aandacht besteed aan de uitdieping van de leerstof rond melkvee en varkens. Vooral op landbouwwetgeving en bedrijfskengetallen zal dieper ingegaan worden.  Ook zal  je de mogelijkheid krijgen om het VCA-attest te behalen. In deze uitbreiding komt natuurlijk ook de landbouwmechanisatie verder aan bod.

Deze opleiding is vooral gekenmerkt door het grote aandeel van stage en praktijk in het totale lessenpakket. Deze leerlingen zullen één dag per week stage lopen op een gespecialiseerd landbouwbedrijf in de buurt. De praktijk  zal doorgaan op de schoolhoeve (melkvee), het Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL) (varkens) en in de eigen praktijkhal  (techniek).

Toekomstmogelijkheden?

Na deze opleiding is het zeker aan te bevelen om nog het 7de specialisatiejaar Rundveehouderij en Landbouwteelten te volgen zodat je een diploma kan behalen.

Beroepsmogelijkheden zijn o.a.

  • eigen landbouwbedrijf,
  • bedrijfshelper,
  • loonwerk, grondwerken en bosbouw,
  • brede agrarische sector (stallenbouw, groendienst gemeente, voedingssector, dierenzorg…)

OPTIE TUIN-EN GROENBEHEER

De optie ‘tuin- en groenbeheer’ bestaat uit 2 grote clusters. Tuinaanleg & -onderhoud en natuur- & groenbeheer. Deze specifieke vakken worden 4 uur per week aangeboden.

Plantenkennis vormt de rode draad binnen deze optie. Inheemse wilde planten alsook tuinplanten worden besproken. Binnen tuinaanleg en -onderhoud ga je zowel praktisch als theoretisch aan de slag. Je leert correct snoeien en materialen en machines uit de sector leer je efficiënt gebruiken. Grondwerken, verhardingen, sierelementen en constructies in een tuin, worden achtereenvolgens besproken.

Binnen natuur- en groenbeheer ga je aan de slag met wilde fauna en flora. Kleine landschapselementen, beheersovereenkomsten en het herkennen van wilde fauna staan hier centraal.

Deze opleiding is vooral gekenmerkt door het grote aandeel van stage en praktijk in het totale lessenpakket. De leerlingen zullen één dag per week stage lopen op een tuin- of groenbedrijf in de buurt. De praktijk  zal doorgaan op de schoolhoeve (melkvee), het Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL) (varkens) en in de eigen praktijkhal (techniek).

Toekomstmogelijkheden?

Na deze opleiding is het zeker aan te bevelen om het 7de specialisatiejaar Rundveehouderij en Landbouwteelten nog te volgen zodat je een diploma kan behalen.

Andere beroepsmogelijkheden zijn o.a.

  • een eigen tuin- en groenbedrijf
  • ploegbaas, werknemer bij een tuin- en/of groenbedrijf
  • loonwerk, grondwerken, bosbouw, groendienst…

OPTIE HOBBY- EN GEZELSCHAPSDIEREN

In de optie-uren ‘gezelschaps- en hobbydieren’ wordt er extra aandacht besteed aan de uitdieping van de leerstof rond katten en honden, kleine herkauwers (schapen en geiten) en paarden.

Deze opleiding is vooral gekenmerkt door het grote aandeel stage en praktijk in het totale lessenpakket. Deze leerlingen zullen stage lopen op bedrijven die op professionele wijze werken met de verschillende hobby- en gezelschapsdieren. Hierbij denken we o.a. aan een manège, hondenkapper, schapenhouderij, dierenwinkel, AVEVE, dierenasiel of opvangcentrum…

Toekomstmogelijkheden?

Na deze opleiding is het zeker aan te bevelen om nog het 7de specialisatiejaar Rundveehouderij en Landbouwteelten te volgen zodat je een diploma kan behalen.

Beroepsmogelijkheden zijn o.a.

  • werken in een dierenspeciaalzaak,
  • werknemer in een manège,
  • verzorger van dieren op een kinderboerderij,

kortom een beroep waar de dieren de hoofdrol spelen.

1ste jaar 2de jaar
Godsdienst 2 2
Lichamelijke Opvoeding 2 2
Project Algemene Vakken 4 4
Plant- en groeimilieu 4 4
Dier- en leefmilieu 3 3
Algemene techniek 1 1
Praktijk algemene techniek 1 1
Praktijk dier- en leefmilieu 1 1
Toegepaste economie 2 2
Praktijk plant- en groeimilieu 1 1
Toegepaste economie 2 2
Frans  1 1
OPTIE: Productiedieren en landbouwmechanisatie
Stages landbouw 8 8
Productiedieren en landbouwmechanisatie 4 4
OPTIE: Tuin- en groenbeheer
Stages tuin- en groenbeheer 8 8
Tuin- en groenbeheer 4 4
OPTIE: Hobby- en gezelschapsdieren
Stages hobby- en gezelschapsdieren 8 8
Hobby- en gezelschapsdieren 4 4
Totaal 33 33

Veehouderij en landbouwteelten

Welke kennis verwerf en verwerk je?

Je verdiept je beroepskennis in verband met de aspecten van een modern veebedrijf: veeteelt, landbouwteelten en melkproductie. Je bestudeert ook belangrijke milieuaspecten in de vakken natuurkunde en scheikunde. Je leert de reglementering over het beheer van een bedrijf om het attest bedrijfsbeheer te behalen.

Welke vaardigheden train je?

Je oefent je communicatievaardigheden om mondeling te communiceren met leveranciers, klanten, de beroepsorganisatie en werknemers en om de landbouwboekhouding te interpreteren en te vergelijken. Je verdiept je ICT-vaardigheden om het bedrijfsmanagement te ondersteunen. Je wordt uitgedaagd om creatief en ondernemend oplossingen te zoeken voor problemen, om omgevingsbewust te handelen, om werkzaamheden te plannen en te coördineren en om bedrijfsbeslissingen te nemen. Je krijgt meer inzicht in het zelfstandig uitvoeren van landbouwvaardigheden via observaties tijdens bedrijfsbezoeken, via werkervaringen tijdens stages en via het werken aan je geïntegreerde proef.

Welke attitudes ontwikkel je verder?

Je hebt interesse voor alles wat te maken heeft met het beheer van een landbouwbedrijf. Je houdt je constant op de hoogte van nieuwe milieuvoorschriften en technieken voor de verbouwing van planten en reproductie van dieren. Je kan zelfstandig werken en opdrachten voor anderen organiseren met veel zorg en aandacht voor bedrijfshygiëne, ziektepreventie, veiligheid en het milieu.

1ste jaar
Godsdienst 2
Lichamelijke Opvoeding 2
PAV 5
Wiskunde 2
Frans 1
Beheer landbouwbedrijf 16
Project seminarie 2
Toegepaste economie 2
Totaal 32